BEL ME TERUG OF BEL 088 - 2450000 | Contact
Referenties
MB_1.jpgHoogveld_1.jpgDura-vermeer.jpgDJI.jpgBAM.jpgAB.jpgEnexis.jpgLogo Ce-EsterVolvo fabriek Gent IngeniumLogo VDV InspectiesLogo Brandweer TwenteLogo PostNL IngeniumLogo Kaercher IngeniumLogo Spie IngeniumLogo AldiLogo Ministerie van DefensieLogo DamenLogo Deventer ZiekenhuisLogo MennensLogo KentechLogo DAF TrucksDe Keurexpert

Veiligheid elektrische machines belicht

Machineveiligheid Ingenium

Veiligheidseisen aan metaal- en houtbewerkingsmachines belicht

De docenten van Ingenium Bedrijfsadvies krijgen tijdens keurmeester cursussen regelmatig de vraag of er een overzicht bestaat van welke veiligheidsvoorzieningen op verschillende machines aanwezig dienen te zijn. Mocht u op of aanmerkingen of eventuele aanvullingen hebben dan horen wij dat uiteraard graag.

Noodstop

Wanneer is een noodstop verplicht? Op het moment dat een machine beschikt over meerdere bedieningsplaatsen en de bedieningselementen (schakelaars, handels, etc) niet binnen handbereik zijn dan dient een machine te zijn voorzien van een noodstop. Een noodstop is ook verplicht als een machine niet geheel te overzien is.

Een noodstop gaat vaak samen met een geremde motor. Voor nieuwe machines is dit sinds de invoering van de machinerichtlijn (1995) verplicht. Bij oudere machines is dit vaak lastig te realiseren. Vaak moet de motor vervangen worden, dit komt de stabiliteit van de machine vaak niet ten goede. Voor machines van voor 1995 wordt het daarom aangeraden een geremde motor toe te passen, het is niet verplicht (Machinerichtlijn en Artikel 7.16 Arbobesluit).

Beveiliging bij stroomuitval

Als de netspanning in een werkplaats of op een bouwplaats uitvalt dan mogen machines niet in werking komen als de netspanning weer inkomt. Hiervoor is de volgende beveiliging noodzakelijk: machines zonder vasthoudbediening (dodemansknop) moeten voorzien zijn van een nulspanningsbeveiliging (artikel 7.14 Arbobesluit).

Afscherming van draaiende delen

Artikel 7.7. van het Arbobesluit eist dat draaiende en bewegende delen moeten worden afgeschermd. Beschermkappen mogen niet op een eenvoudige wijze verwijderd of buiten werking kunnen worden gesteld. Wanneer deze wel voor het normale gebruik geopend moeten worden (b.v. een kap van een kolomboormachine waaronder de v-snaar aandrijving zit) dan moeten ze van onderbrekingsschakelaars voorzien zijn. Ook zijn er maatregelen nodig voor de bescherming van omstanders, bijvoorbeeld door het werkgebied af te schermen met vast gemonteerde hekwerken.

Veelgebruikte machines

Hierna volgt een opsomming van veiligheidseisen aan veel voorkomende machines.

Metaalafkortzaag (radiaal)

  • Zelfsluitende bij bediening naar achteren wegdraaiende beschermkap;
  • Automatische ruststand (terugvering);
  • Vasthoudbediening (dodemansfunctie);
  • Deugdelijke kleminrichting (vastzetten werkstuk);
  • Maximale diepte vergrendeld;
  • De snijolie dient regelmatig ververst te worden i.v.m. bacteriële verontreinigingen.

Beugelzaag

  • Automatische afslag motor bij bereiken maximale diepte;
  • Verankerd aan de vloer;
  • Deugdelijke kleminrichting (vastzetten werkstuk);
  • De snijolie dient regelmatig ververst te worden i.v.m. bacteriële verontreinigingen.

Lintzaag

  • Deugdelijke zaaggeleiding;
  • Automatische afslag motor bij bereiken maximale diepte;
  • De snijolie dient regelmatig ververst te worden i.v.m. bacteriële verontreinigingen.

Draaibank

  • Goed leesbare machine-instellingen (toerental, bedieningsschakelaard, etc.);
  • Afscherming tegen wegschietende spanen, door een doorzichtige kap boven de klauwplaat of met een doorzichtig scherm op het beitelsupport;
  • Eindstops op de slede;
  • Klauwplaat met bij voorkeur geveerde sleutelgaten;
  • Verankerd aan de vloer;
  • Spaanhaak (zonder handvat);
  • Noodstop.

Frees /schaafbank

  • Bedieningsschakelaars goed bereikbaar;
  • Noodstop;
  • Verankerd aan de vloer;
  • Looppaden rond de machines afschermen.

Bandschuurmachine

  • Doorzichtige afscherming boven de schuurband;
  • Support juist ingesteld;
  • Stabiel opgesteld, bij voorkeur verankerd;
  • Afzuiging slijpstof.

Slijpmachine

  • Doorzichtige afscherming boven de slijpstenen;
  • Verankerd opgesteld;
  • Toerental en diameter van de slijpsteen afgestemd op de machine;
  • Zijkant slijpstenen afgeschermd;
  • Leunspaan juist ingesteld (maximal 3 mm van slijpschijf);
  • Let op niet standaard aangebrachte staalborstels, dit is niet toegestaan omdat dan vaak de afschermkap wordt verwijderd;
  • Slijpstenen niet axiaal belasten.

Kolomboormachine

  • Bedieningsknoppen goed bereikbaar;
  • V-snaarkap afsluitbaar en uitgevoerd met een onderbrekingsschakelaar;
  • Doorzichtige afscherming voorzijde boor (deze hoeft niet te worden aangebracht als de boor in de ruststand uitschakelt);
  • Gebruik geborgde machineklem;
  • Verankerd opgesteld;
  • Boorspindel komt automatisch terug in ruststand.

Pons-/knipmachine

  • Repeteerbeveiliging;
  • Vaste afscherming pons- en knipmechanisme;
  • Voldoende grote werktafel;
  • Noodstop op iedere werkplek;
  • Keuzeschakelaar werkplek;
  • Voetbediening;
  • Verankerd aan de vloer;
  • Machine opgesteld op dempers.

Guillotineschaar

  • Vaste afscherming schaarmechanisme;
  • Repeteerbeveiliging;
  • Verankerd aan de vloer;
  • Machine opgesteld op dempers.

Zetbank/kantbank

  • Knelbeveiliging door tweehandenbediening of enkelwerkende cilinder met vasthoudbediening;
  • Machine aan achterzijde afgeschermd;
  • Zijkanten zetmechanisme afgeschermd.

Persen

  • Drukmeter/manometer;
  • Overdrukbeveiliging;
  • Borging werkstuk;
  • Goede staat slangen/leidingen/koppelingen;
  • Verankerd aan de vloer.

Heftafels

  • Knelbeveiliging van hefmechanisme;
  • Vasthoudbediening (dodemansknop);
  • Maximale werklast dient aangegeven te zijn.

Hout Afkortzaag

  • Vaste beschermkap aan de bovenzijde van het zaagblad tot aan de onderzijde van de klemschijven;
  • Afscherming van de zaag achter de geleider. Dit is mogelijk door de beschermkap uit te breiden met een inschuifbare beveiliging of door een zo hoog mogelijke aanslag met zijafscherming op het werkblad achter de geleider;
  • Automatische terugloop van de zaag naar de rustpositie achter de geleider;
  • Breedte van het werkblad zodanig dat de zaag niet voor het werkblad komt.

Cirkelzaagmachine

  • Zaagblad moet onder het werkblad geheel zijn afgeschermd;
  • Zaagblad moet boven het werkblad geheel worden afgeschermd door een verstelbare kap, die aan­gedrukt moet worden op het hout;
  • Deze kap moet zijn aangesloten op de afzuiginstallatie;
  • Het hout moet zodra het is doorgezaagd kunnen wijken, door een verstelbare geleider of hulpgeleider;
  • Een passend (bij de diameter en zaagsnede van het zaagblad) spouwmes moet zijn gemonteerd;
  • Een duwhoutje en/of duwstok moet bij de machine aanwezig zijn;
  • Het zaagblad altijd zo hoog mogelijk instellen, om terugslag van het hout te voorkomen (behalve bij plaatmateriaal, in verband met versplinteren).

Vlakbank

  • Beitelas afschermen met parallelgeleiding of een andere zelfsluitende beveiliging;
  • Afscherming beitelas ook aan de achterzijde van de geleider;
  • Sponningen slaan is alleen toegestaan met een machine die hiervoor (met een extra beveiliging) is uitgerust.

Vandiktebank

  • Voorzien van terugslagpallen, geribde aanvoerwals, gladde afvoerwals en drukbalken;
  • Deksel boven de beitelas.

Freesmachine

  • Afscherming van het snijgereedschap bij alle bewerkingen en dikten van het hout, bijvoorbeeld met de Nederlandse of Suva-beveiliging. Een aanvoerapparaat is geen echte beveiliging, maar wordt als zodanig wel gebruikt/geaccepteerd;
  • Bij een frees met twee draairichtingen moet het snijgereedschap geborgd zijn tegen aflopen (zie ook geremde motoren);
  • De geleiding moet het snijgereedschap zoveel mogelijk afschermen;
  • Indien op de machine ook pennen worden geslagen behoren een automatisch sluitende afschermkap en een elleboogbeschermer aan de pennenslee tot de accessoires;
  • Een duidelijke instructie over toerentallen en draairichting.

Pennenbank

  • Snijgereedschap moet zijn afgeschermd (ook voor passanten) door een volledige kap met gordijnen, of gelijkwaardig;
  • Het niet werkzame deel van het snijgereedschap moet zijn voorzien van een vaste afscherming die tevens als afzuigmond fungeert;
  • Een voorziening die voorkomt dat beitelassen met elkaar in aanraking komen.

Heeft u interesse in de praktische cursussen keurmeester elektrische arbeidsmiddelen NEN 3140 of keurmeester elektrische arbeidsmiddelen voor gevorderden, klik dan op de links of neem contact met ons op via 088-2450000 of via info@ingeniumbedrijfsadvies.nl.

Bronvermelding:

  • Arbobesluit hoofdstuk 7
  • Machinerichtlijn 2006/42/EG
  • Abomafoon 7.9 en 7.10

Voor een praktische cursus keuren elektrische arbeidsmiddelen klik HIER.

© Ingenium B.V.